MagaSien 2 - 2021

5 behandeling doorgestuurd naar het ziekenhuis. Haar moeder maakte een MMSE-test in verband met een vermoeden van geheugenproble- men of dementie. De huisarts gaf aan dat deze test slecht gemaakt was, maar dat hij niks voor haar moeder kon doen. De huisarts stel- de: ‘Ze moet zelf de telefoon pakken, om een consult vragen en naar de praktijk komen.’ Maar haar moeder wist nauwelijks meer hoe een tele- foon werkte. Jolanda vervolgt: ‘Ik heb wel geprobeerd om samen met haar naar de huisarts te bellen, maar dat was geen optie want ze was erg achterdochtig. Ondertussen kreeg mijn vader de diagnose kanker.’ Ziekenhuis ‘Uiteindelijk heb ik geregeld dat ik hun bewindvoerder werd. Ik heb gelijk een andere huisarts gezocht. Die constateerde bij het eerste huisbezoek dat de omgeving waarin mijn ouders leefden zeer ongezond was. Mijn vader werd na enige tijd opgenomen in het ziekenhuis. Daar bleek dat de kanker was uitgezaaid en dat hij niet lang meer te leven had. Mijn moeder bezocht mijn vader in dit ziekenhuis en aansluitend daarop kon ik een gesprek met een geriater regelen. Mijn vader zei na dit bezoek: “Denk erom dat je goed voor mama zorgt, het gaat niet goed in haar bovenkamer.” Uit verder onder- zoek bleek inderdaad al snel dat ze dementie en atrofie heeft.’ Begrafenis ‘Om mijn moeder alleen te laten wonen, was ondenkbaar. Daarom volgden er gesprekken met het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ). Ik was onderweg van Zwolle naar Rotterdam, toen ik werd gebeld door het verpleeghuis waar mijn vader vlak daarvoor was opgeno- men. Het ging niet goed met hem en hij overleed nog diezelfde dag. Toen ik daarna bij mijn moeder kwam en het haar vertelde, reageerde ze vlak en gelaten. Ze vond het vooral erg voor mij. Het regelen van de begra- fenis ging langs haar heen.’ Thuiszorg Van het CIZ kreeg Jolanda’s moeder een indicatie voor thuiszorg. ‘Maar ze liet zich nergens mee helpen, het was onbegonnen werk. Ik heb een rechterlijke machtiging aangevraagd, zodat ik een plek in een verpleeghuis kon regelen voor haar. Dat heeft uiteindelijk twee maanden geduurd. In die tijd had mijn moeder zich niet gewassen en geen schone kleren aan gedaan. Ook liet ze haar hond ’s avonds niet meer uit, met alle gevolgen van dien. Ze vergat te eten en de gaskachel werd afgesloten. De thuiszorg hielp haar met douchen en aankleden, maar als mijn moeder dat niet wilde, gebeurde het niet. Soms pleegde ik wel zestig telefoontjes per dag om dingen geregeld te krijgen.’ Gewaardeerd We leven in een maatschappij waarbij de nadruk ligt op eigen verantwoor- delijkheid. Het waarborgen van de autonomie van de persoon staat voorop. In de zorg staan de rechten van cliënten centraal. Dwang toepas- sen mag niet zomaar. Dat heeft voor een bepaalde groep mensen ernstige gevolgen, zo blijkt uit het verhaal van Jolanda. Haar moeder woont sinds november 2020 in een verpleeghuis. Ze is onherkenbaar veranderd door de regelmaat: ‘Hier wordt ze gewas- sen en krijgt ze te eten. Bovendien: hier is het licht. Op de afdeling zijn ze blij dat mijn moeder er is. Ze is onder gelijkgestemden en wordt gewaar- deerd. Ik heb een andere relatie met mijn moeder gekregen. Haar hondje is geadopteerd door een gezin dat tegenover het verpleeghuis woont. Zo kan ze haar beestje regelmatig zien.’ Liefde Jolanda wil met haar verhaal berei- ken dat er meer oog komt voor kinderen van ouders met een beper- king en ook voor de (voor)oordelen van de mensen in hun omgeving: hun buren, leerkrachten, medeleer- lingen, huisarts en wijkverpleeg- kundigen. ‘Ik wil de onwetendheid hierover verminderen. Mede daarom heb ik een roman geschreven - die na de coronacrisis uit gaat komen - over een kind van ouders met een beperking. Daarin heb ik al mijn ervaringen verwerkt, want onbe- kend maakt onbemind en juist voor deze kinderen is het zo belangrijk om gezien te worden tijdens hun vaak zo ingewikkelde jeugd.’ Dit artikel is ingekort en met toe- stemming van betrokkenen overge- nomen uit PlusPunt van KansPlus.

RkJQdWJsaXNoZXIy NzkyMjk=