Wilma mag eindelijk weer op bezoek

Ik ben anders net als jijJij bent anders net als ik
Afbeelding bij het artikel Wilma mag eindelijk weer op bezoek

Eindelijk weer op bezoek

Woensdag 11 maart was ik voor het laatst bij mijn dochter Naomi, twaalf weken geleden. Een lente lang heb ik haar niet real life gezien. En haar net afgestudeerde zus Susan, die vlak voor de lockdown terugkwam van een rondreis door Azië, heeft haar zusje maar liefst vier en een halve maand niet gezien.

Vooruitzicht
Nu is het 1 juni. Op 3 juni mogen we eindelijk weer naar haar toe. Wat een heerlijk vooruitzicht! Nadat we welkom worden geheten in Nieuw Woelwijck, onze handen hebben gedesinfecteerd en het onvermijdelijke klachtenvragenlijstje over onze gezondheid hebben ingevuld, mogen we Naomi om 14.00 uur ophalen bij de voordeur van haar huis. We kunnen niet wachten!

Lange lente
Het was een lange lente. Een seizoen met veel feestdagen, verjaardagen en andere voor ons belangrijke dagen. Naomi leeft van dag tot dag, met een vaste dagindeling. De Woelwijck-gemeenschap en Naomi’s begeleiders houden, ook tijdens de coronacrisis, deze regelmaat vast. Naomi en haar huisgenoten leven van seizoen naar seizoen, van viering naar viering en van thema naar thema. Alles is noodgedwongen aangepast in Nieuw Woelwijck. En dát in een dorpsgemeenschap, waar juist de groeps-overstijgende ontmoetingen worden gestimuleerd en als kern worden gezien.

Verheugen
Mijn herinneringen aan Naomi helpen mij om een voorstelling te maken van mijn aanstaande bezoek aan Naomi. Het verrast me, mijn herinneringen zijn niet meer zo scherp. Ik verwacht dat het goed en fijn zal zijn, deze middag. Maar bij verwachtingen hoort ook het besef dat het anders kan gaan. En terwijl ik me verheug, weet Naomi nog van niets. Zij hoort pas op 3 juni tegen de middag dat we komen, zodat ze zich samen met een begeleider kan verheugen op ons bezoek. We hopen dat ze het aankan.  

Picknickmand
Dat moment, die eerste blik, de begroeting, hoe zal het gaan? Ik zal tegen Naomi  zeggen: `Ga je met ons mee?’ En ik zal aftastend afwachten, haar mijn hand reiken. Zal ze blij zijn, verlegen, verward, gespannen? Of gaan we gewoon verder waar we gestopt zijn, nu drie maanden geleden. Zal ze epileptische schokken hebben? Zal ze stil zijn of juist honderduit praten? Alles kan, we zullen zien… We nemen een picknickmand mee met lekkere dingen. Ik stel me voor dat ik steeds schuin naar Naomi kijk, zonder dat ze het merkt. Dat ik haar hand zal voelen. Ik zie ons al samen zitten op de grond, op het kleedje.

Zomer
Het is nog steeds lente. En ik weet nu al dat Naomi de vraag: ‘Wanneer wordt het lente?’ gaat vervangen voor de vraag: ‘Wanneer wordt het zomer?’ Omdat een seizoenaanduiding haar houvast geeft. Zoals altijd geef ik haar dan een antwoord waar zij genoegen mee neemt. Een antwoord dat niet op inhoud is gericht, maar op geruststelling en veiligheid. En daarna zal ze vragen: ‘Wanneer komen jullie weer?’ ‘Wij komen weer over een poosje, eerst zijn andere ouders aan de beurt. Wij komen weer bij jou als wij weer aan de beurt zijn,’ zal ik zeggen. Ook dat antwoord stelt haar gerust. Terwijl ik weet dat we er over twee weken alweer zijn. 

Hand in hand
En dan is het zover! Het is woensdag 3 juni. Voor het eerst sinds lange tijd hebben Naomi, Susan en ik weer gepicknickt. Daarna liepen Naomi en ik hand in hand. Ze was verrast, flexibel en blij. Ook Susan en ik hebben genoten. Eindelijk weer real life contact met Naomi. Het was een lieve middag!

Dag meid, tot binnenkort op Skype.

Mijn verhaal
Mijn verhaal

Graag delen wij verhalen van mensen die staan rondom een broer, zus of kind met een beperking.
Ook jouw verhaal delen? Laat het ons weten en neem contact op met Sien door te mailen naar info@sien.nl.

Op de hoogte blijven?

Meld je aan voor de maandelijkse nieuwsbrief!